Gipfelkreuz
Ken je die reclame nog van die bergbeklimmer, die in zijn volle klimgerei het uit staat te schreeuwen op de top van de berg, ijspegels nog in de baard, en op zijn schouder getikt wordt door een Aziatische toerist met camera? ‘Take picture, please?’ Onwillekeurig moet ik hieraan terugdenken als ik zojuist de zuidwestflank van Alte Grimme in het Sauerland hardlopend bedwongen heb, soms op de steile stukken gebruikmakend van de klimkettingen die aan de zijkant aan de rotsen bevestigd zijn. Ik sta bovenop nog uit te puffen als er drie wandelaars waaronder een verveelde tiener aan komen lopen, Nordic walking stokken in de hand, die vanaf de ‘makkelijke’ kant rustig omhoog gewandeld zijn. Gutentag.
De ene overwonnen berg is de andere niet, zelfs al is het dezelfde berg, of toch? Vaak haal ik aan dat ik God ontmoet tijdens het hardlopen. Deze week al meerdere keren, in letterlijke of materiële zin: het onverwachte oude kerkje, glimmend in de avondzon, de Mariakapelletjes die liefst zo hoog mogelijk op steile hellingen staan, zodat de bedevaartstocht ernaartoe tenminste niet moeiteloos gaat, de ‘kruishuisjes’ die verzuchten ‘O Jesus, Schwer drückt Dich meine Sündenlast! Gib mir Kraft dass ich die Sünde meide!’
Maar het meest word ik geraakt door de Gipfelkreuzen op de bergtoppen. Dan heb je net de wereld onder je voeten, torent er zo’n kruis van vier meter hoog nog boven je uit. Goed gedaan, jochie, maar Ik was hier al eerst. Jij bent hier omdat Ik Ben. Niet iedere klimmer is blij met die kruizen, vindt dat de berg van zichzelf is en geen plek voor religieuze uitingen. Voor mij is het echter een moment van dankbaarheid. Kijk waar het lopen me in een half jaar weer gebracht heeft. Dichtbij de hemel, maar met de voeten nog op de grond.
Patrick