Zoutvaatje
Tijdens het sporten zweet ik nogal. Op zich een gezonde reactie van het lichaam. Zeker tijdens warme zomerdagen kom ik na een lange racefietstocht vaak thuis met witte uitslag van het zout op mijn kleding en gezicht.
Als reactie heb ik dan vaak ook behoefte aan zout eten. Met een sowieso ook lage bloeddruk voel ik me soms vrij om behoorlijk wat zout op het eten te gooien. Dat is dan ook weer niet zo verstandig, omdat het ook weer niet super goed voor de werking van je nieren is. Maar zout is wel een lekkere toevoeging aan veel van ons eten.
Waarom deze verhandeling over zout? Tijdens de vakantie las ik een boek over missiologie (jawel, dat is ook een onderdeel van de theologie). Een uitermate interessante uitleg door Stefan Paas. Hij poneerde de stelling in dit boek dat we als Christenen altijd een soort van minderheid zouden zijn. Maar wel eentje met invloed. Als toelichting op deze stelling maakt hij deze opmerking: “We zijn als kerk geroepen om het zout van de aarde te zijn, niet er een zoutvlakte van te maken.” Deze uitspraak deed mij wel even nadenken, want dat zet evangelisatie wel in een ander daglicht.
Je kunt je natuurlijk afvragen of dit de gedachte van Jezus was toen Hij over ons zout-zijn sprak. Toch zit er wel wat in. Ik hou van best veel zout, maar te veel zout maakt het oneetbaar. We worden gevraagd om als Christen smaakmakers te zijn. Dat is iets anders dan veel verkondigen, ik weet dat dit vaak averechts werkt.
De bemoediging die ik hier persoonlijk uit haalde was dat we, net als zout, met een klein beetje van Gods liefde uitstralen al veel smaak aan onze omgeving kunnen toevoegen. Voor ons als Eldad geldt dat dan ook. We kunnen als klein kerkje ook smaak aan onze omgeving geven. We zijn allemaal smaakmakers!
Sijbrand